Jaarlijks stromen honderden jonge talenten vroegtijdig uit de jeugdopleidingen van de 34 Nederlandse profclubs. Terwijl betaald voetbalorganisaties (bvo’s) miljoenen begroten voor prestaties en scouting, blijft de maatschappelijke en psychologische opvang voor afvallers in de praktijk een zwart gat. Slechts vijf procent van de bvo-jeugdspelers maakt het uiteindelijk tot een duurzame voetbalcarrière. De rest (95 procent) vloeit geruisloos af. Wat gebeurt er met deze kinderen als de stadionpoort sluit?
Voor mijn afstudeeropdracht ging ik in gesprek met oud-jeugdspelers, een hoofd jeugdopleiding van een profclub, een onafhankelijk voetbaladviseur en een sportpsycholoog. De verhalen zijn te lezen op mijn platform ‘Buiten Spel’. In drie verhalen lees je hoe de harde wetten van de voetbalindustrie diepe sporen achterlaten bij honderden kinderen die jaarlijks vroegtijdig worden weggestuurd. Van een dertienjarige jongen wiens profdroom door een telefoontje ver na de deadline in één klap uiteenspatte, tot een initiatief van een Europese topvoetballer op de KNVB Campus dat ex-talenten helpt bij de transitie naar de arbeidsmarkt.
Samen geven zij antwoord op de centrale hoofdvraag van mijn afstudeeropdracht: In hoeverre schieten Nederlandse bvo’s tekort in hun morele en institutionele nazorgplicht wanneer de profdroom van een jeugdtalent klapt?
Ontdek de verhalen via deze link:
https://larswestenbrink7.wixsite.com/buitenspel

