Categorie: Anna van der Weerd

Is een Europees verbod op bont door middel van campagnes te bont?

Al jaren lang worden er campagnes gevoerd voor een verbod op bont. In september 2013 heeft Bont voor Dieren de Te Bontlijst opgesteld. Op deze lijst staan Nederlandse en internationale ketens/winkels die echt bont in het assortiment hebben. Deze lijst wordt alsmaar korter, maar hij is nog steeds niet leeg. Zo zijn er in Nederland nog veel meer campagnes gevoerd voor een verbod op bont, ook in Europa. Bont is binnen Europa nog steeds te verkrijgen, dus campagnes voor een verbod op bont slagen maar deels. In hoeverre is het mogelijk om met campagnes een Europees verbod op bont te bewerkstelligen?

De feiten over bont op een rij:


Wim Verhagen, directeur van de Nederlandse Federatie van Edelpelsdierhouders, vertelt over zijn ervaringen met campagnes voor een verbod op bont: ‘’Wij als NFE hebben niet super veel last van campagnes tegen bont. Wij verkopen bont over de hele wereld en Nederland is maar een hele kleine afzetmarkt.’’ In de verkoopcijfers merkt de NFE dus geen verschil.

De eigenaar van de Apeldoornse bontwinkel Hettema ziet wel degelijk verschil in de verkoopcijfers:

 

Sinds 4 januari 2013 geldt de Wet verbod pelsdierhouderij. Deze wet verbiedt het houden en doden van nertsen. Verhagen vindt het moeilijk om aan te tonen waar het nou precies mis ging: ‘’Er zullen wel verbanden zijn met campagnes en de Wet verbod pelsdierhouderij, ik kan niet zeggen dat er geen verband is. Je kunt alles aan elkaar koppelen, uiteindelijk heeft zelfs de moord op Pim Fortuyn  effect gehad op deze wet. Het is maar net vanuit welk perspectief je dingen met elkaar in verband wil brengen.’’  Volgens de directeur komt het niet door campagnes, maar meer door de politiek dat de beslissing is genomen om de nertsenhouderij in Nederland af te bouwen en uiteindelijk te verbieden. ‘’Of anders gezegd te verplaatsen naar het buitenland, want daar komt het uiteindelijk op neer. ‘’

Volgens Verhagen is het overgrote deel van wat er door tegenstanders beweerd wordt gebaseerd op leugens, op verkeerde voorstellingen van zaken. ”Ze maken gebruik van negatief klinkende sensationele kretologie die de meeste actievoerders gebruiken tegen heel veel onderwerpen. Dan gaat het er alleen maar om om in de publieke opinie een heel negatief beeld neer te zetten van de bedrijfstak.”
Net als de eigenaar van bontwinkel Hettema, heeft ook de NFE tegenstanders en activisten van campagnes uitgenodigd: ‘’Het enige dat we aan het negatieve beeld kunnen doen, is laten zien hoe het er in de sector aan toe gaat.’’ Dit doet de NFE door open dagen te houden en het publiek uit te nodigen. ‘’Wij hebben niets te verbergen. We laten gewoon zien wat we aan het doen zijn. En dan mag iedereen er van vinden wat men er zelf van vindt’’, meent de directeur.

Tot een paar jaar geleden werd de NFE belaagd door fanatieke activisten. ‘’Eenfotobijproductiebont1 aantal jaar geleden waren er activisten die heel ver gingen. Ze stichtten brand, gijzelden mensen, braken bedrijven open en lieten dieren los. Maar dit soort dingen zijn de afgelopen jaren niet veel meer gebeurd. Een enkele keer nog, maar niet meer in die mate van vijf tot tien jaar geleden.’’
Ook bontwinkel Hettema werd belaagd. Er stonden demonstranten voor de winkel.  De zaak was tijdens die demonstratie gewoon open, maar klanten kwamen niet meer binnen. ‘’Mijn klanten zijn toch wel enigszins bang voor die mensen, ze willen er niet mee geconfronteerd worden. Ze gooiden de deuren open en dicht, schreeuwden en schopten tegen de winkelruit’’, legt de eigenaar de situatie uit.

Maar er zijn naast tegenstanders ook voorstanders van campagnes voor een verbod op bont, zoals GroenLinks. GroenLinks is, zoals tussen de standpunten van de partij staat, van mening dat het verboden moet worden nertsen en andere pelsdieren te houden. Ook vindt de groene partij dat er een einde moet komen aan de handel in bont. Het wordt alleen zeer lastig om door middel van campagnes een Europees verbod op bont te bewerkstelligen. Het is überhaupt lastig om een Europees verbod op bont te realiseren.  ‘’Het bannen van bont valt buiten de competenties van de EU, omdat de verkoop van en de handel in bont geen gevaar vormt voor de interne markt van de Europese Unie.  Daarom zal elk wetvoorstel voor de EU op dit gebied verworpen worden op basis van het subsidiariteitsbeginsel’’, aldus Reinhard den Toom,  beleidsmedewerker milieu van de  GroenLinks delegatie in het Europees Parlement.  Dit beginsel houdt in dat de besluitvorming zo dicht mogelijk bij de burger gebracht moet worden. Kort gezegd betekent dit beginsel dus dat de EU alleen maatregelen neemt wanneer zij doeltreffender zijn als de EU ze uitvoert dan wanneer ze op nationaal, regionaal of lokaal uitgevoerd worden.
De EU heeft wel macht op het gebied van dierenwelzijn regels. ’’Als een EU land immers lagere standaarden heeft dan andere landen binnen de Europese Unie, is er sprake van verstoring van de interne markt. Dierenwelzijnstandaarden voor de bontindustrie blijft een moeilijk onderwerp voor niet-gouvernementele organisaties en politieke partijen die tegen bont zijn, omdat je het daarmee legitimeert”, legt den Toom uit.

‘’Europese Groene partijen richten zich dus op het verbieden van bont op nationaal niveau in de lidstaten waar ze actief zijn’’, vertelt de beleidsmedewerker van GroenLinks.
Zij die campagnes voeren voor een Europees verbod op bont moeten een herziening van het verdrag van Lissabon teweeg zien te brengen, omdat dit verdrag geen ruimte laat voor de EU om bont te verbieden. Vervolgens zullen zij het klaar moeten spelen om meer competenties naar de EU te krijgen, om er voor te zorgen dat de EU volgens de wet meer mag doen. ‘’En dat is geen makkelijke opgave, want dat is precies wat anti-EU stemmers niet wensen”, aldus Reinhard den Toom.

Persoonlijk statuut Anna van der Weerd

Al van jongs af aan ben ik geïnteresseerd in de actualiteit. Toen ik er achter kwam dat schrijven me lag en ik schrijven leuk vond, heb ik voor de studie journalistiek gekozen.  Als aankomend journalist vind ik het belangrijk om mijn publiek op een correcte manier van informatie te voorzien. Wij journalisten worden dan ook niet voor niets de waakhonden van de democratie genoemd. Het is aan ons om belangrijke informatie correct door te spelen aan ons publiek. Wanneer wij dit niet doen verdwijnt het vertrouwen in ons journalisten en dat moet ten alle tijde voorkomen worden.
Ik probeer me te onderscheiden van (aankomende) journalisten, zodat mijn producties aantrekkelijk en uniek zijn. In deze tijden, waarin ons beroep onzeker is, is het heel belangrijk om je te onderscheiden. Al helemaal als je zeker weet dat je in deze sector een leuke baan wil vinden en deze banen schaars zijn.

Als journalist pleeg ik altijd hoor- en wederhoor, om beide kanten van het verhaal te belichten en te uiten, om zo neutraal te blijven. Als journalist is het heel erg belangrijk om objectief te zijn. In mijn producties zal ik dan ook nooit mijn eigen mening door laten schemeren, want als journalist ben ik neutraal. Ook zal ik altijd doen aan check en dubbel check, zodat ik zeker weet dat mijn bevindingen kloppen en juiste informatie met het publiek gedeeld wordt. Ik zal mij altijd beperken tot feiten en waarheidsvinding. Stel dat de informatie die ik vrij heb gegeven niet klopt, dan zal ik dat uit eigen beweging rechtzetten door middel van rectificatie.  Als ik met collega’s heb samengewerkt, zal ik altijd vermelden met wie ik samengewerkt heb.

Ik zal mijn bronnen beschermen. Wanneer een bron anoniem wil reageren kan dat en respecteer ik deze keuze.  Ik zal nooit een naam van een bron publiceren zonder dat hier toestemming voor gegeven is.

Ik zal altijd proberen zo veel mogelijk interactie te krijgen met mijn publiek, om mijn publiek bij mijn werk en producties te betrekken en hulp te krijgen van mijn doelgroep. Wanneer ik bezig ben met een productie met een bepaald onderwerp zijn er altijd wel mensen die me kunnen helpen. Ik zal dan ook vaak een oproepje op Facebook plaatsen, aangezien ik het belangrijk vind om mijn publiek bij mijn werk te betrekken. Wel zou ik werk en privé altijd gescheiden houden, aangezien ik om interactie vraag via sociale media. Van mij zul je bijvoorbeeld geen dronken tweet voorbij zien komen of foto’s op Facebook die niet professioneel zijn en eigenlijk niet openbaar horen te zijn.Op deze site zullen geen persoonlijke stukken geplaatst worden. Alhoewel ik een voorliefde heb voor columns en sfeerverslagen zullen die  op deze site niet verschijnen, daar heb ik een persoonlijke website voor. Hierdoor blijven werk en privé gescheiden.

Vragen? Mail dan naar annavanderweerd@gmail.com

Azan!?

‘’Veel kritiek op dagelijkse Azan in Zutphen’’ luidt de kop van een artikel in de Stentor van 14 juli 2014. De Barbaros moskee had de wens om de Azan dagelijks versterkt door het centrum van Zutphen te laten klinken, maar veel omwonenden zijn bang voor geluidsoverlast. Ook in sommige andere Nederlandse steden klinkt kritiek tegen de versterkte Azan.
Maar waar dient de Azan eigenlijk voor en waarom klinkt deze zo luid? En hoe is de Azan überhaupt ontstaan?

Eerst wat feiten over de Azan en de moskee op een rij:


Imaam Safeer Siddiqui vertelt kort over het ontstaan van de Azan:


In de Hadith, dit zijn overleveringen over het leven van de profeet, staat geschreven dat het belangrijk is dat de Azan van een grote afstand nog duidelijk te horen is, zelfs als een gelovige in een woestijn staat. Daarom klinkt de Azan zo luid. ‘’Je moet beseffen dat geluid en het oor in de Islam van wezenlijk belang zijn. Zo is de Koran een tekst die hardop gereciteerd moet worden en bij de luisteraar de “juiste” emoties moet opwekken’’ verklaart Pooyan Tamimi Arab. Hij is een Utrechtse cultureel antropoloog en promovendus die onderzoek heeft gedaan naar de versterking van de Azan en hoe deze versterkte oproep door niet-moslims begrepen kan worden.

De Azan is voor de moslims het symbool voor het feit dat er in Nederland godsdienstvrijheid is. ”Doordat de Azan hier symbool voor staat is de oproep erg belangrijk voor de moslims. De geboden beginnen iedere dag op hetzelfde tijdstip, maar toch behouden de moskeeën de Azan. ”Zolang de klokken van de kerk luiden is het logisch dat de oproep tot het gebed ook mag klinken hier in Nederland”, vertelt een woordvoerder van Islamitische Stichting Nederland.

Voor Orhan Gezici is de Azan ook belangrijk. Hij bezoekt de moskee dan ook regelmatig. Voor hem is de Azan een vereiste, want hij wordt voorafgaand aan elk gebed gereciteerd. ‘’Of hij nou door de luidsprekers klinkt of niet is geen punt. De Azan is belangrijk voor mij. Zo weten wij moslims 5 keer per dag dat het tijd is om te bidden.’’

 

biddend kind
Als Fatma Kiliccan de Azan hoort stopt ze met wat ze aan het doen is om respect te tonen. ”Ik zet het geluid van de tv uit en als ik muziek luister zet ik dat ook uit. Het gebed is de sleutel voor de hemel en daarom betekent het veel voor mij. Op dat moment denk je niet aan deze wereld, maar aan het leven na de dood.
Daarnaast voelt het voor mij alsof de wereld even stil staat. Ik luister aandachtig naar de Azan, zonder te praten. Ik ben dan stil. Ik word ook rustig van binnen, een soort “zen”. Vaak krijg ik ook kippenvel als de Azan begint, omdat de Azan mooi wordt opgeroepen.”

”Het gebed begint iedere keer rond hetzelfde tijdstip, dus ik vind het een beetje overbodig dat het iedere keer weer omgeroepen wordt” zegt Vadim Karvink. Hij woont dicht bij een moskee.
Aan de ene kant vindt hij het niet kunnen dat de Azan zo hard door het centrum van zijn stad klinkt. Aan de andere kant snapt hij het wel. ”De moskee wil dat zo veel mogelijk mensen komen bidden. Maar om heel het centrum de oproep te laten horen vind ik een beetje overbodig. Je kan je eigen dingen doen, maar je mag andere mensen niet lastigvallen.”

Pooyan Tamimi Arab wil het volgende graag meegeven: ‘’Ik denk dat we ons sterker moeten laten leiden door ideeën over burgerschap als politiek Verlichtingsideaal in plaats van als iets cultureels. In plaats van af te gaan op negatieve emoties vind ik dat mensen in Nederland zich te weinig laten leiden door de wet en te weinig reflecteren op waarom die wet is geworden zoals die is.
Ik vind dat mensen zulke oproepen moeten tolereren, niet in de zin van gedogen of toestemming verlenen aan moslims, want dat kan niet als het uitgangspunt gelijke rechten is. Maar in de zin dat ze iets dat ze irritant vinden verdragen. Bovendien gaat het meestal maar om een paar minuten in de middag.”