Studeren met een beperking – wat vinden de studenten?

Studeren – voor veel jongeren betekent dit niet alleen examenstress en deadlines, maar ook een groeiende prestatiedruk. Tien procent van de studenten kampt bovendien ook nog met een functiebeperking, wat succesvol studeren alleen maar ingewikkelder maakt. Dit blijkt uit het jaarlijks onderzoek van Expertisecentrum handicap + studie in samenwerking C.H.O.I. over studeren met een functiebeperking. “Studenten maken zich zorgen of ze het wel halen, en dan voornamelijk studenten met een beperking,” aldus Marian de Groot, directeur van het expertisecentrum.

Bij het onderzoek zijn studenten met een functiebeperking gevraagd naar hun studie ervaring. De studenten zeggen dat hun docenten begripvol zijn, maar dat ze vaak deskundigheid missen op het gebied van functiebeperkingen. De Groot: “De bekwaamheid van docenten en begeleiders is volgens studenten soms niet genoeg. Ze tonen dus wel begrip, maar weten vervolgens niet wat ze moeten doen.”

Studenten vinden dat docenten meer voorlichting moeten krijgen over functiebeperkingen. En dit is lastig omdat functiebeperkingen heel divers zijn. Zo zijn er leerlingen met psychische en fysieke beperkingen, maar ook studenten met autisme, dyslexie, ADHD en chronische aandoeningen. De wensen en oordelen van studenten met functiebeperkingen zijn dan ook erg verschillend, omdat ze allen andere behoeften hebben. Ook zijn onderwijsinstellingen beter in de omgang met bepaalde beperkingen. Studenten met psychische en chronische klachten zijn daardoor bijvoorbeeld veel minder tevreden dan die met dyslexie, autisme of fysieke beperkingen.

Maar er is niet enkel ontevredenheid: studenten zijn wel tevreden met het begrip dat ze van hun docenten en begeleiders ontvangen. Ook wordt de toegankelijkheid van tentamens, gebouwen en het online gedeelte van school gewaardeerd. Uit het onderzoek is gebleken dat Windesheim het het beste doet van de grote hogescholen. De universiteit in Wageningen staat van WO-scholen op de eerste plek.